Irene Wing Easton

Op deze pagina vind je mijn columns, blog of stukjes (het is maar hoe je het wilt noemen, toch?) én het laatste nieuws!

Volg Irene op sociale media

Irene Wing Easton

Laatste nieuws

Op 23 november had ik een 'Brief Van De Dag' ( 2G of 3G? Ik ben voor GV en GG) in de Volkskrant.
Mijn  'Ikje' werd 10 februari in NRC geplaatst.
U vindt de tekst bij de columns hieronder.

Yesss! Mijn korte verhaal 'Een nuttige schuld' ontving de tweede prijs in de schrijfwedstrijd van 'Schrijven'. Het verhaal is inmiddels ook gepubliceerd in het literair katern 'Alice'
Je vindt 'Een nuttige schuld' op mijn website op de pagina 'publicaties'.

 

Columns / Blogs / Stukjes

  • Waar was je?


    Lezen is als mediteren, lezen is zen. Als je leest ben je ergens anders. Weet je wat ook zen is? De zee! Diverse kleurschakeringen van het water en altijd weer een verrassende lucht daarboven. De zee vertelt telkens een ander verhaal. Zoals dat van het schip beladen met containers, dat op een zandbank dreigt te lopen, maar daar komt de held, de loods met zijn bootje, al aangesneld om te helpen. De loodsboot keert terug, aan de kade staan een moeder met een kindje te kijken, het kindje zwaait en de loods toetert. De hoorn heeft een diepe toon. Dat is niet het enige wat er te horen valt. Klotsende golven en krijsende meeuwen, ook zij hebben een verhaal te vertellen.
    Ik houd van lezen aan zee maar sowieso houd ik van verhalen en de zee, daarom neem ik als het even kan een portie extra speciaal tot mij, door middel van het film- en literatuurfestival Film by the Sea dat elk jaar in september in Vlissingen gehouden wordt (nu nog tot 18 september).  Dit jaar kon ik er drie dagen zijn en dook een paar pareltjes op, films en documentaires en natuurlijk ook boekverfilmingen.
    Ik ben verder niet met vakantie geweest maar dat hoeft ook niet want films nemen je overal mee naartoe. ‘Un beau matin’ (mijn favoriet) bracht me in Parijs, ‘All my puny sorrows’, (naar het gelijknamige boek van Miriam Toews) naar Canada en ‘Las Bestias’ in Spanje om vervolgens met ‘The drovers wife: The legend of Molly Johnson’ nog Australië aan te doen.
    In voorgaande jaren hebben Man en ik er in een weekeinde wel eens 10 films doorheen gejast en moesten soms hollen van de ene zaal naar de andere. Op de terugweg naar huis golfden de beelden woest door ons hoofd. Dit keer hadden we een maximum van drie per dag en maakten we tussen elke film een wandeling langs de zee om het tij te keren.
    ‘Waar was je?’, vraagt de buurvrouw als ik met het gevoel drie weken weggeweest te zijn mijn voordeur weer open. Ik was in een andere wereld.


  • Stilte aub


    Zodra de Vierdaagse voorbij is, is het alsof er een sneeuwdeken over het dorp valt, het leven in Wijchen wordt gedempt. De caravans die eerst nog her en der op opritten stonden, met een kabel als een staart aan het lijf hangend, zijn allemaal vertrokken. Ik hoef niet meer naar de deur te lopen om pakjes aan te nemen, al blijf ik als thuiswerkende ook nu de conciërge van de straat. Wanneer ik vastzit in een hoofdstuk of even aan wat anders toe ben, loop ik naar de huiskamer, kijk van daar uit de weg over. Op een vlekkerige kat die een vogel besluipt na, is alles oké.
    Met mijn koffie in de hand overzie ik de tuin, het is de maand van het jaar waarin je daar niets hoeft te doen behalve te genieten. Sproeien doe ik doe ik niet aan, alleen de potten en vogelbadjes krijgen water, de rest moet zichzelf maar zien te redden of niet. Survival of the fittest, evolutie in de tuin.
    Vrienden, familie en sociale-media-genoten, bijna iedereen is met vakantie en toont het plezier. Ik zag eerst foto’s van files of rijen daarna parasols en kathedralen en ten slotte vielen ook zij stil. In de nieuwsapp is het komkommertijd. De enigen die de kop opsteken zijn de Koor-leden, die niet mee geëvolueerd zijn maar in tijden zijn blijven steken waarin men meende dat vrouwen minderwaardige wezens zijn ten opzichte van mannen, sowieso menen de Koor-leden dat er alleen maar mannen óf vrouwen zijn. Ze hebben nog heel wat te leren. Ik laat ze brallen en lallen, ze zijn het niet waard om de stilte te laten verstoren. Ook mijn en andermans kinderen maken hun reizen, als zij genieten heb ik ook plezier. Er zijn nog wel wat peuters, ze noemen zich boer, stampvoeten met vuur en versperring op de weg. Ze kennen nog geen gevaar, moeten nog leren dat je niet andermans spullen mag vernielen nee óók niet als je je standpunt duidelijk wilt maken. Maar ik hoef niet op pad, dat scheelt. Juist nu kan ik ongestoord meters maken met mijn manuscript. Fijne zomer allemaal.

  • Lintje


    ‘Het heeft zijne majesteit de Koning behaagd…’ Nee hoor, zo ging het niet maar ik heb wél een lintje. Dat zit zo. De Hersenstichting vraagt aandacht voor de onzichtbaarheid van hersenletsel en daarom kon je voor een kleine donatie een paars lintje verkrijgen waarop het logo en de naam ‘Hersenstichting’ vermeld staan. Het is de bedoeling dat je met dit lintje op de foto gaat en dit per sociale media verspreidt, waarbij je dan #SamenVoorBegrip toevoegt. Het mikpunt van dit alles is de onzichtbare gevolgen van een hersenaandoening zichtbaar te maken. Ik bekeek foto’s van mensen die me voorgingen. Inderdaad, er was niets aan hen te zien, jong of oud, ze zagen er heel gewoon uit. De een had het lintje om het hoofd gebonden, de ander in een strik onder de kin en ga zo maar door. Omdat er niemand thuis was maakte ik (na wat gedoe met de timer) een selfie die ik voor het plaatsen even goed bekeek. Ik zie er ook gewoon uit, in die zin dat het lintje goed past bij mijn paarse zomerjurk en dito ooglapje. Ooglapje… hm niet zo gewoon natuurlijk. Toch is ook bij mij sprake van onzichtbaar hersenletsel want iedereen denkt altijd dat ik wat aan mijn óóg heb en daarom het lapje draag. Mijn ogen kunnen niet samen kijken als gevolg van hersenletsel na een val, vandaar het lapje. Ik weet het, het ís misleidend. Net zoals bij andere mensen die bijvoorbeeld moeizaam lopen, men denkt dat ze iets aan hun béén hebben en dit niet persé zo hoeft te zijn. Het gaat erom dat niet alles is wat het lijkt. Dat staren vervelend is en opmerkingen dat ook zijn. Dat mensen met hersenletsel niet goed tegen prikkels kunnen. Dat mensen met hersenletsel snel moe zijn. Dus al lijkt het soms aan de buitenkant of iemand een of meer ledematen niet goed kan gebruiken, wat wonderlijk spreekt of in mijn geval een ooglapje heeft, het daadwerkelijke mankement zit in de hersenen. Daarom: #SamenVoorBegrip


  • Wij protesteren


    ‘We voelen ons overvallen’ en ‘Het komt onverwacht’, zo luiden de reacties van KLM op het kabinetsbesluit dat Schiphol moet inkrimpen. Voor corona kwam ik regelmatig in Hoofddorp en dan rook ik de kerosine en moest ik mijn gesprek soms staken wegens laag overvliegend vliegtuig, voor mij komt dit kabinetsbesluit eerlijk gezegd niet onverwacht maar behoorlijk laat.
    Vanwege de reactie van KLM maak ik me nu wel zorgen. Kunnen we binnenkort in plaats van tracktors, taxiënde vliegtuigen op de snelwegen verwachten?
    Het is ‘een dingetje’ dat ‘hoe te reageren op alles en iedereen’. Zelfs in het politieke Den Haag is men daarmee bezig. We proberen elkaar op te voeden, of beter te her-opvoeden want van onze ouders leerden we al om met twee woorden te spreken en alstublieft en dankuwel te zeggen, niet door elkaar heen te praten, goed te luisteren naar wat een ander zegt en met argumenten te komen. Schelden en stompen waren uit den boze.
    Wel herinner ik me de slogan die we op het schoolplein scandeerden als de juf of meester uit de buurt was: ‘Wij protesteren, we willen niet meer leren!’
    Persoonlijk kijk ik graag naar protestborden die demonstranten meenemen, of spandoeken die men maakt. Er zit vaak humor in, goed gevonden woordgrappen, tekeningetjes of uitdrukkingen. Ook al ben ik het niet altijd met het protest eens, ik kan denken ‘Goed gevonden!’ Maar ook dat is een afnemende zaak nu minister van der Wal via tekst op een vrachtauto met de dood bedreigd is. Daar is niks ludieks meer aan.
    Ik werd steeds somberder over de manier van protesteren totdat ik gistermorgen vroeg (het had geregend dus eindelijk even minder pollen) een ommetje maakte. Op een van de trottoirs had iemand met stoepkrijt in grote keurige letters ‘Geen poep’ geschreven. Kijk, hier doe je niemand kwaad mee, er komen ook geen files op het trottoir en met deze actie bereik je zeker iets. Geen hondenbezitter die nog op die stoep te kakken wil staan.



  • Binnenstebuiten


    ‘Nu is het dan weer een terugslag’, meldt Longarts.  De fase van mijn 2e Corona is na 4 weken voorbij en nu heb ik ‘gewoon’ een terugslag. Er is alleen wel wat extra schade opgetreden.  De astma is verergerd, de problemen met het Centraal Zenuwstel en het Immuunsysteem ook, er zijn nog steeds dagen dat mijn temperatuur te hoog is, mijn longen branden nog harder,  ik kan nu nog slechter tegen pollen en kon ik voorheen hooikoortscode geel net handelen, nu niet meer.
    Het is al in geen dagen en nachten code groen is geweest, ik zal dus binnen de conditie weer moeten opbouwen. Hoe en wat, daarover is overleg gaande (revalidatiecentrum?) en ondertussen doe ik het op z’n Irenes. Dat houdt in dat ik vooral niet moet vergeten om naar buiten te kijken want jongens, meisjes, allemaal: moet je die explosie van rozen in de tuin eens zien en bewonderen!
    Soms smokkel ik wel eens even, ben ik toch bij code geel buiten (bijvoorbeeld éven de uitgebloeide rozen afknippen) en dan word ik daarna benauwder, moet meer hoesten, krijg een piepende ademhaling, mega keelpijn en brandende longen, begint alles extra te tintelen, moet ik opletten dat ik niet over mijn dove voeten struikel of dingen uit mijn dove tintelhanden laat vallen en wil ik vooral slápen. Straf na overtreding. Het is de straf die ook bij de terugslag hoort, mij voor mijn gevoel binnenstebuiten keert.
    Gelukkig is niet alles  kommer en kwel. Ik had een leuke week met een uitstapje naar het Teylersmuseum (binnen) waar ik nog van nageniet (binnen) en ik heb me dan ook voorgenomen om me nergens iets van aan te trekken en zoveel mogelijk door te werken (binnen) aan mijn manuscript zodat dit binnenzitten ook nog enig nút heeft. Zo heb ik het al twee jaar en 2 maanden gedaan, telkens weer wat werken aan het manuscript waar ik ver voor Corona al mee begon. Tiep tiep tieperdetiepen, nadenken, lezen, nadenken, deleten, nadenken, tiep tiep. Alle kleine beetjes helpen, want uiteindelijk kan ik even juichen (binnen) want ik zit nu wel mooi bijna aan het einde van de Derde Grote Schrijfronde.


  • Agossie


    Derksen en zijn grensoverschrijdende mede-lachers komen weer op televisie terug.
    Dat Johan Derksen daar wegging kwam volgens hem alleen maar omdat Talpa niet aardig tegen hem deed, ze steunden hem niet en dat was -agossie-heel zielig voor hem want hij werd immers zo vreselijk ge-cancelled.
    Telkens weer duikt dat woord op, ‘cancelen’. Ik realiseer me dat ik wat Johan Derksen én René van der Gijp én Steven Brunswijk en Wilfred Genee een canceller ben. Het woord wordt met verachting uitgesproken, alsof ik tot wappienistische virusontkenners behoor.
    In RTL Boulevard was de terugkeer van Derksen en zijn companen ook een belangrijk item, Bram Moszkowicz en Lucky Luuk riepen om het hardst dat Derksen ‘nou eenmaal zo ís!’  Dit werd alom vrolijk ontvangen. Bram, een ervaren ex-advocaat, onderstreepte nog maar eens dat hier sprake was van een cancel-cultuur.
    Hoeveel mannen komen ermee weg ‘omdat ze nou eenmaal zo zíjn’? En wat stralen we op televisie uit als we verkrachting of vernedering of uitlachen vergoelijken met ‘het nou eenmaal zo zijn’? Langzaam werken we toe naar een rechter die uitspreekt: ‘Deze meneer heeft geen straf verdiend want hij ís nou eenmaal zo’, om eraan toe te voegen: ‘Lang leve de lol.’ En het geld natuurlijk, daar is Talpa zeker niet vies van want ja het programma had hoge kijkcijfers. Er was ook advies voor wie er niet tegen kan als er zout in den wonde gestrooid wordt: die moet niet in een agossie-slachtofferrol gaan zitten maar gewóón wegzappen. De media staan bol van Derksen en zijn kaars, wegkijken is lastig, je komt die droeftoeter overal tegen. Zijn gezicht heeft iets van een Hush Puppy, je weet wel die honden die sneu met hun oren over de grond slepen. Je krijgt er medelijden mee als je ernaar kijkt. Dat uiterlijk is deel van het imago van meneer Derksen. We weten nu ook dat hij zich de geslagen hond voélt. Nou, laat ik met mijn hand over het hart strijken. Wat mij betreft mogen de heren van Vandaag Inside terugkomen maar op één voorwaarde: Dat ze met een duizendurenkaars in hun waffel plaatsnemen.
    ‘Irene wat schrijf je nú toch!!!’
    ‘Ach ja, ha ha ha, ik schrijf nou eenmaal zo.’
    Daarbij heb ik nog wat op mijn wenslijstje, ik zou graag zien dat er een wet komt waarin grensoverschrijdend gelach strafbaar gesteld wordt.

  • Goed nieuws


    ‘Als je er binnen vijftien minuten kunt zijn’, juicht de doktersassistente aan de telefoon, ‘we hebben een 2e booster over!’
    Mijn huisarts weet dat ik al een tijd knok voor die 2e booster, nu de eerste al ruim drie maanden geleden verkregen werd. Ik mailde en belde naar het R.I.V.M, naar de G.G.D en naar de Rijksvaccinatielijn maar die wisten niet of de groep ‘Griepprik ónder de 60 jaar’ überhaupt nog aan bod zou komen. Op de longpoli ging men er van uit dat dit wel het geval zou zijn maar wist niks zeker. Ten einde raad twitterde ik mijn vraag naar minister Kuipers van Volksgezondheid himself en kreeg keurig antwoord.
    ‘De Gezondheidsraad adviseert geen herhaalprik voor mensen onder de 60 jaar, al dan niet uit een medische risicogroep.’ Ik besloot er nog een tweet aan te wijten waarin ik uitlegde dat vanwege Long Covid (al 2 jaar) opgelopen na Corona (in Eerste Golf), ik dan misschien niet in het ziekenhuis terecht zou komen bij her-besmetting maar dat ik zeker een terugval zou krijgen en dat de laatste zes maanden geduurd had.
    Er kwam geen reactie dus ik besloot een en ander per mail voor- en uit te leggen aan de Gezondheidsraad én bood aan om voor de booster te betalen. Jaren geleden kon dat immers ook wanneer je als ouder graag je kind wilde laten vaccineren tegen een nieuw meningokokkenvirus wat pas veel later in het Rijksvaccinatieprogramma opgenomen zou worden. We hebben toen vier kinderen á 70 Euro per stuk laten vaccineren. Dat bedrag hadden we er graag voor over, dan maar op iets anders bezuinigen. Ik schreef de Gezondheidsraad ook dat ik- terwijl iedereen uit eten gaat en op terrasjes zit en feest- noodgedwongen in lockdown verblijf, nog steeds geen bezoek ontvang en zelfs van mijn eigen kinderen anderhalve meter afstand houd.
    Ene Lotte Zonder Achternaam, mailde ‘namens de Gezondheidsraad’ terug dat een 2e booster gewoon echt niet nódig is.
    ‘Dat is op zich goed nieuws en heel erg bedankt voor dit geweldige aanbod maar het komt te laat’, zeg ik tegen de doktersassistente. ‘Ik ben gisteren positief getest.’
    Dit gesprek vond ruim 2,5 weken geleden plaats. Inmiddels ben ik nog steeds niet beter, heb een Prednisolon-kuur achter de kiezen en zit nu aan de antibiotica. Er wordt  overlegd met de longarts over revalidatie via het ziekenhuis.


  • Tegengas


    ‘Krijg de klere’, zo werd de opmerking waar de Oekraïnse soldaat op Slangeneiland terecht een medaille voor kreeg, in het Nederlands vertaald. Na weken van geld doneren en daarnaast het verzamelen van slaapzakken en shampoo voor weer andere acties, is mijn gevoel van machteloosheid alleen maar toegenomen, om van woede maar niet te spreken. Er moet iets gebeuren.
    Er komt een extra wasrek bij. Op de wasdroger hangt een briefje waarvan men de tekst letterlijk mag nemen: ‘Poetin, krijg de klere.’
    De op kamers wonende kinderen die nietsvermoedend en met een rugzak vol wasgoed het huis betreden, zien hun vader en moeder dicht tegen elkaar aangekropen, met een deken en kruik op de bank zitten.
    ‘Is de verwarming kapot?’
    ’Nee, wij willen dat Nederland zo lang mogelijk met de voorraad gas kan doen, zodat er zo min mogelijk (liefst helemaal niet) Russisch gas gebruikt hoeft te worden. De thermostaat staat op 15 graden.’
    Er valt van alles te verzinnen, van thermo-ondergoed, een dikke trui en daarover een fleece-vest tot een bureau-fietsje waarmee je jezelf niet alleen fit maar ook warm trapt. Beter alleen de kamer waar je werkt /zit kort bijverwarmen met een elektrisch kacheltje dan in het hele huis de verwarming op die temperatuur. Laat iedereen doen wat hij kan en dan noemen we het ’Speciale Operatie Tegengas.'



  • Wat een lol


    ‘De eerste keer dat ik jou zag’, zegt Man, ‘is me dat ooglapje helemaal niet opgevallen, ik zag het natuurlijk wel maar het deed niet ter zake. Ja leuk kleurtje, dat wel.’
    Zelf zie ik het ook nooit, in die zin dat ik mezelf ík voel, hoe ik er ook uitzie.
    Ik weet zeker dat Jada Pinkett Smith dat ook zo ervaart, ondanks dat ze een kaal kapsel heeft vanwege de aandoening Alopecia waardoor het haar uitvalt. Ik zag haar op het filmpje van de Oskaruitreiking, prachtig stralend in haar groene galajurk.
    We hebben allemaal kunnen zien en lezen hoe het afliep. Komiek Chris Rock zei dat ze met haar kale hoofd klaar was voor het vervolg op G.I. Jane, letterlijk een ‘grap’ over het hoofd van een ander heen.
    Chris Rock is een professionele grappenmaker, je zou verwachten dat hij dus weet dat dit superflauw en kwetsend is.
    Mijn ervaring en vast ook die van Jada, is dat mensen vaak denken dat ze als éérste zo’n ‘leuke originele spitsvondige opmerking’ maken. Dat zie je aan de manier waarop Chris om zich heen kijkt, zo van goed he? Hij zégt het ook nog eens ‘Dat was een goeie grap hè?’ In dit geval werd het: Wie een grap maakt moet op de klappen zitten.
    Wat ik nou interessant vond aan het filmpje is dat terwijl Chris Rock de ‘grap’ maakt, Jada met haar hoofd schudt en haar ogen rolt. Dit is de reactie van iemand die denkt: ‘Ja hoor, daar gaan we weer.’ Het was alsof ik mezelf zag wanneer iemand tegen Man zegt: ‘Heb je haar geslagen?’ en die persoon kijkt dan ook triomfantelijk om zich heen zo van hee hoorden jullie dat, goeie he? Of rechtstreeks naar mij ‘Kijk nou eens, daar heb je Kapitein Haak.’ Man houdt zijn handjes thuis maar zendt een venijnige blik. Ik zeg het gewoon: ‘Denk je nou écht dat je origineel bent? Ik heb dit al honderd keer gehoord joh, duhuuuuuh.’ En moet je dan het smoelwerk van zo iemand in elkaar zien zakken, dát is pas lachen!







  • Advies

    Op een van de drie dagen dat we naar de stembus mogen, wordt aangekondigd dat ‘de regels’ adviezen worden. Het is tot minister Kuipers en zijn kornuiten nog niet doorgedrongen dat Nederlanders alleen luisteren als iets moét en het dan nog heel moeilijk vinden. Adviezen, daar kunnen ze niks mee.
    ‘Alles mag weer’, zegt een vriendin die langsloopt als ik net de vuilniszak in de kliko kieper. Ik doe een paar stappen achteruit, de anderhalve meter zit nog in mijn systeem.
    ‘Alles kán nog niet’, antwoord ik. ‘Niet voor iedereen.’ In mijn omgeving gaat men allang weer naar horeca, theater, winkels, feesten en op bezoek. Ik moet daardoor juist nog voorzichtiger zijn. Ja, op advies van minister Kuipers maar ook mijn eigen specialist.
    Het is twee jaar geleden dat ik tijdens de eerste golf Corona opliep. Dat was de tijd met uitpuilende ziekenhuizen, tekort aan testen en mondkapjes.
    Zelftesten en vaccinaties waren nog verre toekomst.
    De klachten van toen zijn er nog.
    -Benauwdheid
    -Brandende soms stekende longen, brandende luchtwegen
    -Tintelende handen, voeten, tong, mond en een plek op de romp
    -Het gevoel alsof je altijd griep hebt
    -Mega keelpijn
    -Ráre moeheid (je valt gewoon in slaap)
    -Slecht tegen prikkels kunnen
    -Moeite met concentreren
    -Het altijd koud hebben
    Alle bovengenoemde klachten nemen toe bij de geringste inspanning.
    ‘Die tintelingen hoor je veel, komt doordat het Centraal Zenuwstelsel – net als jouw immuunsysteem trouwens- is aangetast door corona,’ legt Longarts uit.
    Het eerste anderhalf jaar ging ik nog in slakkengang met af en toe een terugslag, vooruit. De afgelopen half jaar was er als gevolg van drie terugslagen juist sprake van áchteruitgang.
    Na de zomer begint een nieuwe therapie, wekelijks naar het ziekenhuis voor een injectie, drie tot vijf jaar lang. Nou, van je hela hola, we houden de moed erin. Wat niet moeilijk is want ik verkeer in de gelukkige omstandigheid dat ik via een gemachtigde mijn stem kan uitbrengen, ik lééf, ik leef zelfs in een vrij en democratisch land. Als ik straks als enige nog met een mondkapje op loop en afstand houd, dan zal men me hoogstens vreemd aankijken maar niet meer dan dat.

  • Zon

    Vier keer maakte ik mee hoe het is om gevierendeeld te worden en tegelijkertijd een kind op de wereld te zetten. Ik deed dit vanuit mijn eigen comfortabele bed, met de verwarming aan, doeken en kleertjes gereed, Man’s hand om in te knijpen en dit alles ook nog eens onder leiding van een deskundige dirigent, te weten de verloskundige. Na afloop was ik moe maar voldaan, liet ik me verzorgen en verwennen door Man, kraamhulp en kraamvisite.
    De hele dag staat de televisie aan, op CNN, BBC en NPO zie ik de stroom vluchtelingen voorbijkomen, maar ook de achterblijvers die hun vensterbank schoonvegen van glas,  het volkslied zingen, geweren pakken. Ik hoor de laatste woorden van de grenswachters van Slangeneiland, het maakt me stil. Vervolgens scroll ik bezorgd door de nieuwsberichten van de NOSapp.
    Voor iedereen zal het weer iets anders zijn wat de meeste indruk maakt. De bom die vandaag bij mij insloeg was het fotootje met daaronder de tekst dat er een baby in een metro-station van Kiev geboren is. Veel mensen zien het als een teken van hoop, mijn blik is echter wanhopig. Je ziet het kindje, de liefdevolle hand van de moeder en op de achtergrond diverse mensen op een bankje–niemand wil zomaar wat toeschouwers bij haar bevalling- die doods voor zich uit staren, wachtend tot de zon weer achter de wolken vandaan zal komen.
    Sinds dit bericht is mijn bezorgdheid voor al die mensen nog groter maar tegelijkertijd ook toegespitst op die ene vrouw, waarvoor ik het grootste respect heb, dat ze onder deze omstandigheden een kind gebaard heeft. Is de baby niet te koud, tocht het niet op het metrostation? Stress en onvoldoende eten verminderen de kwaliteit van borstvoeding. Gekookt water en melkpoeder zijn waarschijnlijk ook niet voorradig. Eerst reden de metro’s nog, nu niet meer. Een baby is zo kwetsbaar, gaat het dit overleven? En de kraamvrouw? Hoe zal het kindje opgroeien, Oekraïens of als Russisch burger? Misschien wel met een vader die ‘Held’ is geworden? Oh vrede kom toch alsjeblieft snel achter die wolken vandaan en laat de zon voor deze mensen schijnen.

  • AjaJippieJippieJeeh


    ‘We doen het voor de vrijheid’, zegt de vrouw ‘en dat we elkaar weer kunnen ontmoéten.’ De vrachtwagens achter haar grommen instemmend. Een man begint nog meer doelen op te noemen.
    ‘Tegen de regering, tegen de klimaatwetten, oh ja vóór de politie, en natuurlijk tegen de digitale Euro.’ (De digitale Euro! Serieus!)
    Dit alles in het licht van de naderende totale versoepeling en loslating van de regels. Ik bedoel waar hebben we het nog over, een weekje?
    Ik zie een man met een witte cowboyhoed op, vast afgekeken van dat trucker-protestfilmpje over Canada. Daar reden mensen met zulke hoeden op een paard tussen de vrachtauto’s rond, ik weet niet of ze ook een lasso in de hand hadden maar het zou me niks verbazen. Ineens zit het dus in mijn hoofd, een ‘oorwurm.’
    ‘Zing ik ajajippiejippiejeeh’, galm ik uit volle borst. Lekker zo’n uitlaatklep, bij gebrek aan vrachtwagen zelf even brullen. Ik hops ook nog door de kamer rond, op een denkbeeldig paard, zwaaiend met een net-alsof lasso.
    Daarna plof ik naar adem snakkend op de bank. De volgende dag lig ik daar de hele dag.
    ‘Je moet ook niet te veel doen’, zegt de arts. ‘Post Covid Syndroom en nog wat beschadigingen, weet je nog?’.
    ‘Maar ik heb ook een uitlaatklep nodig en ik wil ook vrijheid!’
    Alle gekheid op een stokje, hoewel ik vind dat we in Nederland volop vrijheid hebben,  gún ik iedereen echt van harte alle cafébezoeken, etentjes, feesten, lunches, theater en polonaise. Ik zou graag meedoen (behalve de polonaise) maar elke versoepeling betekent voor mij voorlopig juist uitkijken geblazen. Ik blijf dus met mondkapje nog in mijn cocon. Juist nu. En dat terwijl ik veel te vieren heb, onder andere in maart mijn 2-jarig corona-jubileum. Binnenshuis demonstreer ik nu dus tégen aerosolen en vóór meer onderzoek naar Post Covid Syndroom en voor het bij elkaar voegen van alle kennis en het aanstellen van aparte Covid-specialisten.
    Ik heb een goed leven, een dak boven mijn hoofd, eten, een bed. Ik vermaak me met schrijven, lezen, en in slow motion het huishouden. Ik ontmoet mensen buiten, per telefoon of skype. Maar wát verheug ik mijzelf op de dag dat de besmettingscijfers weer gedaald zijn tot pakweg 2000 per dag.


  •  'Ikje' dat 10 feb in NRC stond

    Speelafspraak

    De basisschool gaat net uit als ik mijn ommetje maak. Een moeder zet haar zoontje achter op de fiets. Ze buigt zich over het stuur, zet stevig aan en fietst langs me. Ik vang haar woorden op.
    'En dan kan Sterre mooi met Nora spelen, want die is ook positief.'

  • Plafond


    De uitbarsting van de vulkaan bij Tonga was honderden keren sterker dan de atoombom op Hiroshima, lees ik in mijn nieuwsapp. Een enorme aswolk verspreidt zich over het eiland. De grauwe as verbleekt bij het bericht over die andere vulkaanuitbarsting, die bij het programma The Voice of Holland.
    Tim Hoffman en zijn team, die een uitstekend gemaakte aflevering van Boos plaatsten, kunnen tevreden naar het tellertje kijken. Op het moment dat ik dit typ keken er al 9,9 miljoen mensen.
    De eerste dagen had iedereen het erover, of het nou om talkshows, een zoommeeting of een Lockdown-ommetje ging. Ik zag op sociale media de ene na de andere beerput opengaan, vrouwen deelden massaal hún ervaringen met andere Borsato’s, Ali B’s en Regisseurs Zonder Naam. Ervaringen die niet bij The Voice plaatsvonden, maar in de trein, de bus, op het werk, de universiteit, bij de arts of de bakker. Berichten gleden als een lavastroom door mijn tijdlijn. Stuk voor stuk vanuit het hart geschreven, een verlate noodkreet. Ja, een verlate noodkreet meneer John De Mol, zo makkelijk is het namelijk niet.
    Morgen zijn ze bij Boos alweer bezig met een volgende uitzending over een ander onderwerp, hopende dat ze de kijkers kunnen vasthouden. De kranten liggen bij het oud papier, een enkeling steekt er de open haard mee aan. Maar wat gebeurt er met al die (voornamelijk) vrouwen die ’s nachts naar het plafond liggen te staren waarop ze de beelden weer voorbij zien komen? Wiens aslaag weggeblazen is waardoor de gebeurtenis weer fris naar buiten steekt. Woelend denken ze, ‘hád ik maar’ of ‘wat had ik anders kunnen doen, waarom heb ik niet, misschien was het toch mijn schuld, enz.’ Gepieker over ‘verjaring’, als je te lang de wond met as bedekt, ben je te laat om rechtvaardigheid te krijgen.
    Toch is de uitbarsting van Vulkaan Voice in Nederland vele honderden keren sterker dan die van #metoo na Weinstein in 2019. Gaat er nu echt iets verbeteren? Ik hoop het!






  • Op pad


    Een grauwe januaridag maar ik zie hem zonnig in. Eindelijk weer naar buiten na quarantaine! Op zo'n moment is alles mooi en ik meen toch echt een merel te hebben gehoord die al lente in zijn kop had (of had ik dat).
    Natuurlijk kneep ik 'm de afgelopen dagen, zou de booster z'n werk doen of zou ik toch besmet zijn geraakt?
    Daarbij gaat het toch al een tijdje niet zo goed met het Long Covid gedonder, ik ga niet vooruit, ben slechter af dan afgelopen zomer. Er zijn telkens terugslagen, golven die me overspoelen en voordat ik weer een stukje richting strand gezwommen ben, werpt de volgende me nog verder naar achteren.
    Wat nu? Niemand weet het want het is allemaal nog zo onbekend en dus de behandeling ook. Met mij is nu afgesproken dat ik minder ga bewegen, slechts om de dag mijn kortste ommetje. Dat vind ik moeilijk. Gelukkig las ik in De Gelderlander dat er onderzoek gedaan wordt naar Long Covid/Post Covid Syndroom. Ze gaan bekijken welke klachten daarbij horen en welke veroorzaakt worden door schade die corona toebracht en natuurlijk naar behandelingsmogelijkheden. Er is dus een plan en dat geeft moed om ook mijn eigen (minder bewegings) plan uit te voeren. Het is een lange (eindeloze?) weg en soms is het flink zoeken om lichtpuntjes te kunnen rapen maar ze zijn er, echt.


  • De enige oplossing

    VORIGE WEEK:
    ‘Ga je mee?’ Ik zwengel de riem voor haar neus heen en weer. Logeerhond logeert niet, ik kom haar in haar eigen huis ophalen. Ze blijft stokstijf in haar mand zitten.
    ‘Nee, vandaag maar niet’, fluistert ze terwijl ze haar oren naar achteren trekt.  
    ‘Wat is er met jou? Je trilt helemaal. Heb je koorts?’ Logeerhond schudt haar koppie.
    ‘Het is weer de tijd van het jaar.’ Ach, nu begrijp ik het. Sinds half november wordt er dagelijks vuurwerk afgestoken, ze vindt het doodeng. In de avond krijg je haar al helemaal niet meer mee, ze durft zelfs geen plasje in de tuin te doen.
    Die plasjes komen in de huiskamer terecht.
    DEZE WEEK:
    ‘Ga je mee?’ Ik vraag het met mijn liefste stem, strooi brokjes als de kruimels van Hans en Grietje, een lokmiddel naar de buitendeur. Logeerhond ligt languit in haar mand, tilt loom haar hoofd op.
    ‘Oh haaaai’, zegt ze, het klinkt als ‘high’.
    ‘Wat is er met jou? Ben je nu wel ziek?’
    ‘Oh nee, ik voel me helemaal tóppie! Als ik nu van de Eiffeltoren zou moeten springen meid ik deed het zó!’ Ze praat een beetje met dubbele tong maar ik ben onder de indruk van haar zelfvertrouwen. Ze kijkt me aan en nu zie ik het pas goed.
    ‘Wat is er met je ógen?’
    ‘Mijn ogen? Niks lieve schat, helemaal niks, ik zie aaallleees, alles is práchtig.’
    ‘Ik zie er een draaiende spiraal in, ze lijken op de ogen van het jongetje Mowgli uit de film Junglebook wanneer de tygerpython Kaa hem hypnotiseert!’ Logeerhond zucht, laat haar oogleden zakken en valt in slaap. Daar sta ik dan met de riem ongebruikt in handen. Ik kijk om me heen, mijn oog valt op een potje dat op tafel staat. Er zit een etiket op van dierenarts Lint. ‘Logeerhond Janssen, Pollenlaan 4 Wijchen, in tijden van vuurwerk, drie keer daags een pil.’
    ‘Goed spul’, zeg ik, ‘maar dit is toch ook geen oplossing.’ Logeerhond hoort me niet, ze snurkt. Thuisgekomen ga ik meteen online naar vuurwerkmanifest.nl , om de petitie voor verbod op vuurwerk ten behoeve van dieren en milieu, te ondertekenen.



  • Mode

    Kerstballen bij de kringloopwinkel? Ik herinner me dat ik er enkele jaren geleden vol verbazing naar keek. Het waren er niet een paar, van mensen die de zolder opgeruimd hadden, nee… er lagen daar manden en manden vol kerstballen.
    ‘We hebben de muur groen geverfd’, zegt mijn nicht aan de telefoon. ‘Maar ja, we hadden groene kerstballen en die zie je nu haast niet meer dus die leg ik opzij voor als de kringloopwinkel weer opengaat. In de krant lees ik een artikel waarin staat dat het dit jaar in de mode is om gouden ballen in de boom te hangen, eigenlijk moet alle kerstversiering goudkleurig zijn. Ik heb er nooit bij stilgestaan dat er Kerstboom-mode bestaat. We hadden vroeger wel een buurvrouw die elk jaar een nieuwe boom met bijpassende servetten organiseerde. Het ene jaar rode ballen en slingers en servetten, het andere jaar zilver met roze en ik kan me ook het blauwe bal-servet-jaar nog herinneren. Ik dacht dat zij een uitzondering was maar ik blijk die uitzondering zelf te zijn. Onze boom is – ook al zijn de kinderen niet meer klein- nog altijd een bonte verzameling met ‘van alles’. Alle ooit door de kinderen gemaakte kerstversiering wordt door diezelfde kinderen nog elk jaar uit de doos opgediept, natuurlijk onder het uiten van commentaar. Allereerst is er een ‘iets’ gemaakt van brooddeeg, versierd met paarse verf en veel glitters.
    ‘Oh jaaaa dat stérretje!’ Liefdevol wordt het in de boom gehangen. Vervolgens is er een engeltje aan de beurt. Er wordt gelachen. ‘Wat een horror-hoofd.’ We hebben ook gekochte ornamenten.
    ‘Mam, dit beertje had je toch van Pap gekregen?’
    ‘Jazeker, het was het tweede cadeautje wat ik ooit van hem kreeg tijdens onze eerste Kerstmis samen.’ De kinderen en ik zwijmelen even weg. Het is een schattig beertje dat aan een pootje bengelt.
    ‘Wat was het eerste cadeautje eigenlijk?’
    ‘Een waterpomptang!’  
    Al die kerstversiering, allemaal met een verhaal. Nee, dit mag nooit naar de kringloop, het is immers góud waard!






  • Ook goeiemorgen


    Het is nog schemerig als ik aansluit in de bescheiden rij die buiten voor de XXL booster-locatie staat opgesteld. Mensen met mondkapjes al voor, klaar voor de start. Van links komt een man, mijn leeftijd, aangelopen en neemt vóór mij plaats in de rij.
    ‘Nou vooruit dan maar’, zeg ik. De man heeft niet alleen struisvogelzicht maar ook oren. We schuiven door en komen in een tent-achtig voorstuk van de ingang. Hier wordt míjn zicht slecht, de bril beslaat. Ik poets wat en zie een medewerker naast de rij, mediterraan type. Na weken van zelf-isolatie vind ik het heerlijk om weer ‘echte’ mensen mee te maken. Aan iedereen stelt de medewerker dezelfde vraag, die beroepshalve gesteld moét worden en dat doet hij net zo vriendelijk als zijn ogen staan.
    ‘Heeft u alles ingevuld?’ De enkeling die opschrikt, kalmeert hij door te vermelden dat iets verderop tafels staan waar je dit alsnog kunt doen. Ook de man voor mij krijgt de vraag gesteld.
    ‘Heeft u alles ingevuld?’
    ‘Ja natuurlijk, ik kom hier niet voor de eerste keer hè?’ Het is de toon die de muziek maakt zeggen ze dan, nou in dit geval: metallic. De medewerker houdt zijn mond, die van mij valt open (achter mijn mondkapje). Een mevrouw met GGD op haar shirt komt naar haar collega toe.
    ‘Zou jij willen controleren hoe láát de mensen een afspraak hebben? Er wordt namelijk stevig voorgedrongen.’ Ze snelt alweer weg. De medewerker kijkt bezorgd, zijn ogen gaan met tegenzin richting de man voor mij. Aan diens rug zie ik al dat deze niet beschikbaar is voor welke vorm van controle dan ook.
    Soms is het wel geoorloofd om mensen te negeren.
    ‘Mijn afspraak is om vijf over half negen’, zeg ik zo opgewekt mogelijk tegen de medewerker. Die draait zijn hoofd naar mij, kijkt dan op zijn horloge.
    ‘Dat is prima!’, concludeert hij.
    ‘Dankuwel!’, antwoord ik.’ Achter me hoor ik mensen ook hun tijden noemen, vriendelijk, want ze hebben alles gehoord en plaatsvervangende schaamte met betrekking tot onze voorganger. De sfeer en het gezicht van de medewerker klaren weer op terwijl het ook achter ons, buiten, steeds lichter wordt.



  • 2G of 3G? Ik ben voor GG en GV


    Akelig en niet nodig, die tweedeling tussen G2 en G3. Uit gedragsonderzoek van het RIVM blijkt dat alleen al in de horeca, slechts voor 65% wordt gecontroleerd. Dus ik vrees dat zowel G2 als G3 niet voldoende zal helpen om de zorg te ontlasten.
    Laten we niet wachten op opgelegde maatregelen maar zelf het GV (Gezond Verstand) controleren. Leg je GV eens onder de scanner, vraag jezelf af of je nog verstandig met dit virus omgaat, of het tijd wordt om wat bij te sturen. Misschien toch wat minder onder de mensen komen, misschien toch nu dat vaccin nemen.
    In plaats van regels te ontduiken kun je ook je GG (Geen Gezeur) nog even checken; zoek de lichtpunten in je leven, kijk om je heen naar mooie dingen die er ook zijn, en naar wat wel kan.


  • Ellek nadeel heb se voordeel

    Bijna had ik weer een ronde van mijn manuscript af, bíjna, nog twaalf pagina’s te gaan. De grandmaster die me begeleidt had me onlangs nog een opzwepende mail gestuurd, dat motiveert natuurlijk enorm. Nog twaalf pagina’s, nog elf, nog…
    Ineens had ik het te pakken. Ja mijn verhaal, maar ook nog iets anders: griep. Gelukkig geen Corona maar de combinatie griep met Long Covid is ook niet ideaal. Het hoesten he, dat vinden de toch al brandende longvliezen echt niet leuk. Terwijl de temperatuur opliep, de deskundigen een longontsteking vreesden, lag ik me te verbijten in mijn laken, potdorie zat ik er net zo lekker in, was ik van mijn manuscript gerukt. Ik wilde werken!
    Ik hoestte, ik proestte maar ondanks dat, dácht ik nog wel aan het manuscript, alleen niet tot in detail, het was allemaal wat vager, wat snottiger om het maar zo uit te leggen.
    Zoals in de kindertijd mijn knuffelbeer naast me lag, had ik nu mijn rode aantekenboekje aan mijn zijde geklemd. De pen die erbij hoort, bleef werkloos.
    Het duurde en duurde en op een dag, ja hoor de temperatuur zakte, het hoofd werd helderder en daar bevond ik me dan eindelijk weer achter de computer!
    Ik opende het document en ging met de laatste pagina’s aan de slag. De laatste pagina’s van deze manuscript-versie. Ineens had ik het te pakken. Nee, geen griep, een idee voor een enorme aanpassing! Blijkbaar hadden mijn hersens in hun koortsstand toch doorgewerkt, lijntjes gelegd, ‘gebrainstormd’ en besloten. Hup, snel door naar de volgende ronde!




  • Meer of minder


    ‘Mag het een onsje meer zijn mevrouw?’, dat vroeg de slager vroeger aan mijn moeder als ze een stuk vlees of plakken ham bestelde. Als vijf, zes, of zevenjarige stond ik erbij en hoopte op het vervolg ‘Mag de jongedame een plakje worst?’.
    Een onsje meer of minder vond mijn moeder nooit erg maar het moest natuurlijk niet te gek worden, bij drie ons zei ze beslist ‘Nee’. Het was natuurlijk ook geen verplichting, ze hoéfde dat onsje meer er niet bij te nemen, kon het eraf laten halen.
    Afgelopen dinsdag werd er in de persconferentie verteld dat er nieuwe regels komen, het mondkapje komt er weer bij. Een onsje meer dus.
    De nieuwe regels zullen op zaterdag in gaan. Vandaag is het de donderdag voor die zaterdag. Ik ga naar de winkel om vast Sinterklaasinkopen te doen. De Goedheiligman is nog niet in het land maar ik vermijd de drukte liever dus begin maar vast. Ik ben niet de enige die in de zaak die ik bezoek winkelt maar wel de enige met een mondkapje op. Mensen kijken verbaasd naar mij. Nu ben ik het gewend om -als ik niet in mijn dorp loop- verbaasd bekeken te worden omdat ik een ooglapje draag. In mijn woonplaats is men dát inmiddels wel gewend. Kijken ze nu echt zo naar mij omdat ik als enige met een mondkapje loop? Het is onmogelijk om zonder spiegel in een winkel te zien hoe je zelf kijkt maar ik vermoed dat dit ook verbaasd is, want dat ben ik. Een regel wordt ingesteld omdat deze nodig is en laten we eerlijk zijn, we voelden deze met de oplopende cijfers allang aankomen, zo’n verrassing was het niet. En gaan we dan nu met z’n allen wachten tot het zaterdag is omdat we het mondkapje dán pas op moéten? Stel de weersverwachting voorspelt op zaterdag regen maar op donderdag valt het al met bakken uit de lucht, dan zetten we toch ook die paraplu op?
    Hoe dan ook, iedereen moet het uiteraard zelf weten. Voor mij maakt het niet uit, een lapje meer of minder.


  • Feestje

    Hij kwam enige weken geleden binnenrollen. ‘Thomas Verbogt veertig jaar schrijver’, was de titel van de nieuwsbrief van boekhandel Dekker & vd Vegt, met uitnodiging voor een avond rondom de letterlijk gevierde auteur. Als zelfbenoemd voorzitter van DEETVFN (De Enige Echte Thomas Verbogt Fanclub Nederland) begon ik na te denken over een passend cadeau(tje). Schrik niet, dit wordt geen epos over ‘en toen kon ze niets verzinnen.’ Schrijven begint immers met de eerste letter, in het geval van Thomas waarschijnlijk met een T.  Ik herinnerde me dat de Hema bekers verkoopt met een drukletter erop, checkte nog even de website, ja hoor bekers met alle letters, de T was nog voorradig. Ik besloot dit artikel niet online te bestellen want dan zou er een kartonnen doos omheen moeten. Ik las onlangs namelijk dat als gevolg van het massaal corona-bestellen, en dus extra papierverbruik om kartonnen dozen te maken, er een tekort aan papier voor het drukken van boeken is ontstaan waardoor boeklanceringen uitgesteld worden. De nieuwe roman van Thomas staat voor 2022 gepland, dat mag niet uitlopen.
    De dag voor de feestelijke avond wandelde ik naar de Hema. Ik wandelde ook door de Hema, en nog eens en nog eens. Daarna schoot ik een verkoopster aan.
    ‘Bekers met een Tee? Nee.’
    ‘Ja maar?’ Ze ging voor me op de website kijken.
    ‘Het zit u niet mee. Ze zijn net uit het assortiment.’
    Ik zocht in de winkel naar een andere beker maar de opdruk ‘Time to relax’ leek me niet geschikt, ik zie liever dat Thomas lekker doorschrijft. Dan toch nog maar papier aan één kartonnen doos verspillen. Thuis googelde ik op ‘Beker met een letter’. Er waren witte mokken met een groene of roze T, wel heel groot van formaat maar het grootste bezwaar was de levertijd van een paar dagen. Vervolgens vond ik ‘Letterbekers met een dier’ en bij de T een prachtige Toekan geschilderd, zou de volgende dag geleverd worden dus net op tijd. Bij ‘afwasmachine’ stond echter een rood kruisje en dus ging dat feestje niet door, afwastijd is geen schrijftijd, bovendien weet ik dat Thomas aan zijn afwasmachine hecht, hij schreef een column toen het apparaat kapot was.
    Uiteindelijk kocht ik toch weer bij de lokale Hema een bescheiden beige beker zonder T maar wel mét een verhaal want een van de véle dingen die ik van Thomas leerde is dat overal een verhaal in zit.


  • Betoveren


    Eigenlijk was ik niet van plan om jullie met deze nieuwe ontwikkeling lastig te vallen. Sommige dingen moet een mens gewoon privé houden, waarom zou je alles op internet pleuren?
    Aan de andere kant zijn er veel mensen die hun mening via sociale media opschuren, is het misschien toch beter dat ik een en ander deel.
    Eerder meldde ik dat ik al 1,5 jaar tob met after-Corona-gedoe en immunotherapie was begonnen. Dit is een therapie tegen de allergie voor graspollen die ik na Corona kreeg, waardoor ik al twee zomers voornamelijk binnen zat. Nee, géén hooikoorts!!! Ik hoef niet te niezen, krijg geen rode of tranende ogen en geen snotneus, ik krijg ‘alleen maar’ heftig brandende longen en dat kan pijn doen. Hoe meer graspollen in de lucht, hoe erger. Overigens gaan mijn longen ook bij huisstof en bijvoorbeeld op de snelweg (uitlaatgassen) harder branden en bij inspanning, er zitten waarschijnlijk vele kleine ontstekingen in de longvliezen.
    ‘Corona heeft je immuunsysteem aangetast’, zo werd me uitgelegd door longarts en allergoloog. Ik begon vol goede moed aan de immunotherapie, dankbaar dat ik in een vrij land leef, zonder gebombardeerde ziekenhuizen.
    Een week of twee geleden kwam ik benauwd en ziek op de Spoed Eerste Hulp terecht. Daar zag de arts de verdikking in mijn keel, mijn hartslag was idioot hoog. Het lichaam was compleet van de wap als gevolg van een langzaam opgebouwde allergie tegen het medicijn dat tegen allergie zou gaan helpen. Dankzij Corona reageert mijn lichaam met een vulkaanuitbarsting en tsunami, compleet over de top en nergens voor nodig.
    ‘Dat heb jíj weer’, roepen mijn vrienden. Maar dat is niet zo, ik ben niet de enige wiens lijf na Corona overal hyper op reageert. Ik heb dan wel een ooglapje maar dat deed aan mijn gezondheid niks af, die was prima. Iedereen kan Corona krijgen en Corona kan jou je vrije adem en vrije leven ontnemen.
    Dus ik roeptoeter dus toch maar rond dat we hier gelukkig voldoende vaccinaties hebben, maak er gebruik van.
    Laat ik positief eindigen. Ik mocht twee weken onbeperkt ijs eten! Het is een kwestie van herpakken en doorgaan. Gisteren genoot ik aan het begin van de avond van een wandelingetje maar vooral van de zon die zijn stralen uitstrekte om nog net even het groen te betoveren.

  • Oren


    Op het moment van ontwaken wist ik het meteen, dit kon niet anders dan Corona zijn. Opgelucht haalde ik adem. Nu hoefde ik er niet meer tegenop te zien, niet meer angstvallig besmetting te vermijden. Het was begonnen, over een paar dagen zou alles achter de rug zijn (ik was redelijk jong en verder slank en fit) en ík kon straks weer beschermd en wel door mijn antistoffen, het normale leven in.
    Onwetendheid begint met gebrek aan ervaring.
    Vandaag is het precies anderhalf jaar geleden dat ik Corona kreeg. Die opgeluchte ademhaling werd na een paar dagen vervangen voor benauwdheid. Vaak ging ik slapen met het idee ‘Nou we zien wel of ik morgen nog wakker word.’ Ik overleefde gelukkig maar opgelucht ademen kan ik nog steeds niet.
    Laatst las ik een column in de NRC van Rosanne Hertzberger, die het over ‘ziekten tussen de oren’ had en daar Long Covid bij plaatste. Even overwoog ik een ingezonden brief.
    Daarin zou ik haar uitleggen dat het bij mij tussen de longen zit. Om preciezer te zijn, mijn longvliezen zitten vol kleine ontstekingen, bij elke teug adem branden de longen en bij inspanning word ik kortademig.
    Verder is mijn immuunsysteem aangetast waardoor ik hyperactief reageer op bijvoorbeeld graspollen (al twee zomers binnen gezeten). Ik ben nog altijd onder behandeling van een longarts, moet ademhalingsoefeningen doen, veel medicijnen gebruiken en ben onlangs begonnen met immunotherapie. Ik zou schrijven dat ik trots ben dat mijn conditie verbeterd is maar dat ik nog wel liefst in bejaardentempo wandel en dat fietsen op mijn vierwielfiets niet meer gaat. Dat ik me altijd voel alsof ik zwaar griep heb. Dat ik weet dat dit niet zo ís en dus zoveel mogelijk probeer om mijn leven te lijden zoals voor Corona. Dat dit dan weer niet lukt en dat ik weet dat ik mijn grens over ga als ik het weer idioot koud krijg, de keelpijn toeneemt en ik spontaan in slaap val. Dat ik nog steeds FFP2 maskers draag en afstand zal blijven houden, niet alleen omdat ook gevaccineerden nóg een keer Corona kunnen oplopen maar ook omdat een verkoudheid of gewone griep voor mij vervelende consequenties heeft.
    Vandaag brengt de NOS me het bericht dat de overheid meer geld uittrekt voor onderzoek naar Long Covid. Toch een mooi cadeautje op deze mijlpaaldag.


  • Vroemen tussen de bloemen


    Er zijn mensen die klagen over een verregende zomer. Ik zie de zonnige kant, de planten in mijn tuin bloeien langer dan de afgelopen drie jaren tijdens hittegolven het geval was.
    Gisteren zat ik op mijn hurken bij de borders om her en der uitgebloeide bloemen af te knippen en de knoppen die er nog gloorden daardoor van extra energie te voorzien. Ineens hoorde ik een akelig geluid.
    ‘Vrrrrooooeeeem, vrrroooeeem.’ Heel even kreeg ik de neiging iets weg te meppen. Maar het ging hier niet om een stekend insect. Ik herkende het geluid uit mijn jeugd. Destijds hoorde ik het óók in de tuin!
    De eerste jaren van mijn leven groeide ik op in een plaats die redelijk in de buurt van Zandvoort lag. Het waren de eind zestiger jaren, de tijd waarin mijn ouders nog een kolenkachel stookten. Het hing een beetje van de windrichting af maar als we op zomerse weekeindmiddagen van de tuin genoten -mijn ouders met een boek, ik in de zandbak- kon het zijn dat er ineens het vrrooooeeem vroooeeem klonk en een vieze geur als een stortbui in de tuin neerdaalde. Dit alles kwam door de races op Het Circuit in Zandvoort. Niet zelden verkaste het hele gezin weer naar binnen.
    Tegenwoordig woon ik echter in de buurt van Nijmegen. Hoe kon ik raceauto’s horen?  Het bleek dat in een van de mij omringende tuinen, iemand via tv of mobieltje, de races uit Zandvoort dichtbij haalde.
    Mijn eigen mobieltje gaf een ander vroemgeluid, het was een push bericht want ‘onze Max’ had gewonnen.
    Ik gun ieder mens z’n hobby of beroep en feliciteer Max. Net zoals we in Nederland anno 2021 niet meer van de kolencentrales zijn, vraag ik me af of we, tot de raceauto’s elektrisch geleverd worden, niet beter tijdelijk kunnen stoppen met dat gevroem. Dit dan nog afgezien van de hordes mensen – ook al zijn er minder dan normaal toegestaan- die erop afkomen en in hun enthousiasme de anderhalve meter inkrimpen tot anderhalve millimeter. Klimaat en Corona, soms is er in Nederland sprake van struisvogelpolitiek. Geen regeren maar negeren, zoiets.